ECLI:NL:RBROT:2010:BO0170
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M. Fiege
- N. Doorduijn
- H.W. Vogels
- Rechtspraak.nl
Geen terugkoopverplichting voor preferente aandelen uitgegeven als stockdividend door Unilever
In deze civiele procedure staat centraal of Unilever zich in 1999 heeft verplicht tot het terugkopen van preferente aandelen die als stockdividend aan aandeelhouders zijn uitgegeven. Fursa c.s. stellen dat Unilever een contractuele terugkoopverplichting is aangegaan tegen een vaste prijs van €6,58 of tegen de beurskoers op het moment van inkoop. Unilever betwist dit en voert aan dat de statuten en het informatiememorandum geen dergelijke verplichting bevatten.
De rechtbank analyseert uitgebreid de statuten, persberichten, presentaties en het informatiememorandum van Unilever. Hieruit blijkt dat Unilever zich het recht voorbehield om na vijf jaar de preferente aandelen te converteren in gewone aandelen, maar geen zekerheid gaf over terugkoop tegen een vaste prijs. De communicatie naar de markt was terughoudend en bevatte geen bindende toezegging tot terugkoop. Ook latere verklaringen en jaarverslagen zijn niet relevant voor de vraag of bij uitgifte een terugkoopverplichting bestond.
Fursa c.s. betogen subsidiair dat Unilever onrechtmatig heeft gehandeld door onvoldoende en misleidende informatie te geven, maar de rechtbank wijst dit af omdat Fursa c.s. de aandelen kochten terwijl zij bekend waren met het geschil en de onzekerheden. Gelet op het ontbreken van een contractuele verplichting wijst de rechtbank alle vorderingen van Fursa c.s. af en veroordeelt hen in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van Fursa c.s. af wegens het ontbreken van een terugkoopverplichting.