ECLI:NL:RBROT:2010:BN3275
Rechtbank Rotterdam
- Kort geding
- P.F.G.T. Hofmeijer - Rutten
- Rechtspraak.nl
Leveringsverplichting en toepasselijkheid Weens Koopverdrag bij geschil distributie cosmeticaproducten
De zaak betreft een geschil tussen BQ Cosmetics B.V. en Gade Cosmetiques S.A. over de levering van cosmeticaproducten van het merk Biguine. BQ vordert onder meer dat Gade haar leveringsverplichtingen nakomt en de (vermeende) distributieovereenkomst voor onbepaalde tijd respecteert. De rechtbank stelt vast dat de Nederlandse rechter bevoegd is en Frans recht van toepassing is op de koopovereenkomst, waarbij het Weens Koopverdrag geldt.
De voorzieningenrechter oordeelt dat onvoldoende aannemelijk is dat er een distributieduurovereenkomst voor onbepaalde tijd bestaat. Wel is vastgesteld dat er een vaste handelswijze was waarbij BQ producten bestelde en Gade leverde. Gade mocht leveringen niet zonder goede grond plotseling stopzetten. Hoewel BQ betalingsachterstanden had, is het opschortingsrecht onder het Weens Koopverdrag beperkt en onduidelijk in deze situatie.
De belangenafweging leidt ertoe dat het spoedeisende belang van BQ om haar bedrijfsvoering voort te zetten prevaleert boven het belang van Gade op volledige vooruitbetaling. Daarom wordt Gade veroordeeld om gedurende zes maanden de levering te hervatten volgens de gebruikelijke betalings- en leveringsvoorwaarden. Andere vorderingen, zoals vergoeding van producten tegen vervaldatum en voorschot schadevergoeding, worden afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid.
De proceskosten worden gecompenseerd en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gade wordt veroordeeld om gedurende zes maanden de bestelde producten te leveren volgens de gebruikelijke voorwaarden.