ECLI:NL:RBROT:2010:BN0768
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing uitsluiting vergoeding depositogarantiestelsel voor bankmanagers Icesave
Twee managers van het Nederlandse bijkantoor van de IJslandse bank Landsbanki, handelend onder de naam Icesave, dienden een verzoek in bij De Nederlandsche Bank (DNB) voor vergoeding uit het Nederlandse depositogarantiestelsel. DNB wees de vergoeding af op grond van uitsluitingsregels voor bestuurders en beheerders van betalingsonmachtige banken. De eisers stelden dat het bijkantoor geen zelfstandige entiteit is en dat zij niet als bestuurders of beheerders kwalificeren.
De rechtbank oordeelde dat het begrip betalingsonmachtige bank moet worden uitgelegd als de rechtspersoon in IJsland, niet het bijkantoor zonder rechtspersoonlijkheid. Desalniettemin kwalificeren de eisers als bestuurders of beheerders omdat zij het bijkantoor naar buiten toe vertegenwoordigden en de Topping-up Overeenkomst namens Landsbanki ondertekenden. De rechtbank verwierp het verweer dat zij niet als zodanig konden worden aangemerkt en dat de besluiten van DNB niet voldoende waren gemotiveerd.
Verder oordeelde de rechtbank dat er geen sprake was van een financiële sanctie, maar van een toepassingsbereik van de vangnetregeling. De motiveringsplicht was nageleefd en de redelijke termijn niet overschreden. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. De eisers kunnen tegen deze uitspraak hoger beroep instellen bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.
Uitkomst: Het beroep van de managers tegen de weigering van vergoeding uit het depositogarantiestelsel wordt ongegrond verklaard.