ECLI:NL:RBROT:2010:BN0041
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.J.P. van Essen
- P.H. Veling
- O.E.M. Leinarts
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wraking kantonrechter niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding
In deze zaak heeft verzoeker een wrakingsverzoek ingediend tegen de kantonrechter die de civielrechtelijke procedure tussen verzoeker en het ziekenhuis behandelde. Verzoeker stelde dat de kantonrechter vooringenomen was vanwege diverse gedragingen tijdens de comparitie, waaronder het onterecht toestaan van nieuwe standpunten van eiseres, het ontnemen van het woord aan verzoeker en een als racistisch ervaren opmerking over het land van herkomst van verzoeker.
De rechtbank heeft het wrakingsverzoek inhoudelijk beoordeeld en geoordeeld dat de feiten waarop het verzoek is gebaseerd reeds bij de comparitie van 10 mei 2010 bekend waren. Het verzoek is echter pas op 24 mei 2010 ingediend, wat de rechtbank te laat acht. Daarnaast overweegt de rechtbank dat klachten over de bejegening tijdens de zitting in een wrakingsprocedure niet aan de orde kunnen komen en dat de kantonrechter zich verontschuldigde voor de opmerking over Congo.
De rechtbank concludeert dat de handelswijze van de kantonrechter niet zodanig onbegrijpelijk is dat er sprake is van een zwaarwegende aanwijzing voor vooringenomenheid. Het wrakingsverzoek wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kantonrechter is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-tijdige indiening.