ECLI:NL:RBROT:2010:BM7403
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling redelijke hoogte dwangsommen voor gebruik bergingen als autoherstelwerkplaats
Eisers werden door verweerder gelast het gebruik van zes bergingen als autoherstelwerkplaats te staken, onder dreiging van een dwangsom van €500.000 per berging. De rechtbank constateert dat het gebruik in strijd is met het bestemmingsplan en de aan de bouwvergunning verbonden voorwaarden. Eerder is dit ook door de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigd.
De rechtbank oordeelt dat eisers feitelijk beheer voeren over de bergingen en als overtreder moeten worden aangemerkt, ondanks hun betwisting. Het beroep op het gelijkheids- en vertrouwensbeginsel faalt, evenals het argument dat de lange termijn van een jaar een gedoogbesluit impliceert.
De hoogte van de dwangsommen wordt getoetst aan de redelijkheid en proportionaliteit. Geconstateerd wordt dat de huidige dwangsommen in absolute en relatieve zin buitensporig zijn en niet in redelijke verhouding staan tot het geschonden belang. De rechtbank vernietigt daarom de besluiten voor zover zij de hoogte van de dwangsommen betreffen en stelt deze zelf vast op €160.000 per berging, conform het advies van de bezwaarschriftencommissie.
Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierechten en proceskosten aan eisers. De uitspraak kan door partijen worden aangevochten bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de opgelegde dwangsommen en stelt deze vast op €160.000 per berging.