ECLI:NL:RBROT:2010:BM1814
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.H. Veling
- L.A.C. van Nifterick
- H. van Lokven-van der Meer
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wraking kantonrechter niet-ontvankelijk na eindvonnis
Verzoeker werd gedagvaard door Stichting Com.Wonen tot ontruiming van zijn woning wegens gebrek aan recht of titel. Tijdens de procedure werd vastgesteld dat verzoeker niet correct was opgeroepen, waarna een nieuwe comparitie werd gepland. Verzoeker maakte bezwaar tegen de dagvaarding en de ontruiming.
Op 26 maart 2010 wees de kantonrechter een eindvonnis bij vervroeging, waarbij verzoeker werd veroordeeld tot ontruiming. Drie dagen later, op 29 maart 2010, diende verzoeker een wrakingsverzoek in tegen de kantonrechter. Verzoeker stelde dat het vonnis niet rechtsgeldig tot stand was gekomen omdat het niet openbaar was uitgesproken en dat de kantonrechter nog de behandelende rechter was op het moment van het wrakingsverzoek.
De meervoudige kamer voor wrakingszaken oordeelde dat het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk was omdat de zaak op het moment van het verzoek reeds was afgesloten met een eindvonnis op 26 maart 2010. Wraking kan slechts worden verzocht zolang de zaak nog in behandeling is bij de betreffende rechter. De stelling van verzoeker dat het vonnis pas na het wrakingsverzoek was gewezen, werd verworpen.
De kamer benadrukte dat het niet wenselijk is dat bij vervroeging vonnis wordt gewezen voordat het proces-verbaal van comparitie is verzonden en ontvangen. De beslissing werd uitgesproken op 20 april 2010 door de meervoudige kamer, waarbij verzoeker niet-ontvankelijk werd verklaard in zijn wrakingsverzoek.
Uitkomst: Verzoeker is niet-ontvankelijk verklaard in zijn wrakingsverzoek omdat de zaak reeds was afgesloten met een eindvonnis.