ECLI:NL:RBROT:2010:BL1723
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betwisting lening en rentevordering bij langlopende geldlening tussen Hofman en gedaagde
Hofman vordert betaling van een geldlening en rente van gedaagde, die de lening betwist en stelt dat het om een schadevergoeding gaat. De rechtbank oordeelt dat Hofman de bewijslast draagt voor het bestaan van een lening aan gedaagde persoonlijk en voor de overeengekomen rente. Hofman wordt toegelaten tot bewijslevering.
De rechtbank overweegt dat de hoofdsom niet verjaard is omdat het een lening voor onbepaalde tijd betreft, gelet op de rentenota's en het ontbreken van eerdere opeisbaarheid. De vordering tot rente over de periode vóór 12 januari 2002 is verjaard, maar Hofman mag bewijs leveren dat samengestelde rente is afgesproken voor de periode daarna.
De rechtbank wijst erop dat na verjaring van de rentevordering een natuurlijke verbintenis ontstaat waarover geen rente kan worden gevorderd, zodat samengestelde rente na 12 januari 2002 niet kan worden berekend over de verjaarde rente. Alle overige beslissingen worden aangehouden voor bewijslevering en nader onderzoek.
Uitkomst: Hofman wordt toegelaten tot bewijslevering omtrent lening, renteafspraken en samengestelde rente; verdere beslissingen worden aangehouden.