ECLI:NL:RBROT:2009:BL4895
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding wegens onrechtmatige occupatie en gebruik van panden na nalaten doorhaling hypotheek
Eiseres verkreeg in 1995 twee panden van de heer X, waarna diens erfgenamen, de gedaagden, een procedure startten voor betaling van de koopsom of ontbinding. De rechtbank wees de vorderingen van gedaagden af, maar stelde eiseres in reconventie in het gelijk. Na het vonnis bleven enkele gedaagden de panden bewonen, ondanks een ontruimingsbevel. Eiseres vordert nu schadevergoeding wegens onrechtmatige occupatie, vernieling en het niet doorhalen van hypotheekinschrijvingen.
Gedaagde 5 voert verweer dat hij niet bevoegd vertegenwoordigd was en betwist aansprakelijkheid en schade. De rechtbank oordeelt dat gedaagde 5 gebonden is aan eerdere vonnissen, ongeacht volmacht, en dat zijn verweren niet in het voordeel van andere gedaagden werken. De rechtbank stelt dat het hoger beroep tegen het vonnis opschortende werking heeft, waardoor niet kan worden vastgesteld of het vonnis gezag van gewijsde heeft gekregen.
De rechtbank wijst erop dat de schade wegens huurderving en vernieling nader moet worden vastgesteld, onder meer door deskundigenbericht, en dat de vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten jegens gedaagde 5 onvoldoende is onderbouwd. De beslissing wordt aangehouden om partijen gelegenheid te geven zich uit te laten over het gezag van gewijsde en de schadevaststelling.
Uitkomst: Beslissing aangehouden pending nadere conclusies over gezag van gewijsde en schadevaststelling.