ECLI:NL:RBROT:2009:BL0314
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzet tegen dwangbevel bestuursdwang hennepkwekerij
Op 23 september 2008 trof de gemeente in een pand te Rotterdam een hennepkwekerij aan. De gemeente ontmantelde de kwekerij en legde de kosten daarvan bij de eigenaar van het pand, opposant. Opposant stelde dat hij het pand had verhuurd en niet als overtreder kon worden aangemerkt. Hij betwistte de hoogte en redelijkheid van de kosten en maakte bezwaar tegen het dwangbevel.
De rechtbank stelde vast dat het besluit tot bestuursdwang formele rechtskracht heeft gekregen en dat opposant onvoldoende heeft aangetoond dat het pand ten tijde van de ontmanteling verhuurd was. Hierdoor werd opposant terecht als overtreder beschouwd. Ook de stelling dat hij misbruik van het pand had voorkomen werd verworpen.
De rechtbank oordeelde dat de kosten redelijk en in verhouding zijn en dat opposant niet aannemelijk had gemaakt zelf voor ontmanteling te hebben gezorgd. Het dwangbevel geldt als executoriale titel, waardoor beslag op bankrekeningen rechtmatig was. De vorderingen van opposant tot nietigverklaring van het dwangbevel en terugbetaling van kosten werden afgewezen.
Opposant werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is gewezen door mr. F. Aukema-Hartog en uitgesproken op 25 november 2009.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzet van opposant af en bevestigt dat hij als overtreder aansprakelijk is voor de bestuursdwangkosten.