ECLI:NL:RBROT:2009:BJ3584
Rechtbank Rotterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Verplichting tot ondertekening van CAO na overeenstemming op hoofdpunten afgewezen
De vakbonden De Unie en FNV vorderden in kort geding dat CED verplicht zou worden tot ondertekening en naleving van een nieuwe CAO voor de periode 2008-2011, nadat op 22 september 2008 overeenstemming was bereikt over de hoofdpunten van de CAO. CED betwistte dat een definitieve CAO tot stand was gekomen en stelde dat nog onderhandeld moest worden over tekstuele en andere essentiële onderdelen, en dat de vereiste ondertekening ontbrak.
De voorzieningenrechter oordeelde dat een CAO slechts kan worden aangegaan bij authentieke of onderhandse akte en dat overeenstemming over hoofdpunten niet uitsluit dat nadere tekstuele aanpassingen nog besproken mogen worden. Het was niet aannemelijk dat partijen niet meer vrij zouden zijn om over verdere wijzigingen te onderhandelen.
De rechter wees de vorderingen af omdat toewijzing zou leiden tot een onomkeerbare situatie, terwijl niet buiten twijfel stond dat in een bodemprocedure de vordering zou worden toegewezen. De rechter gaf partijen in overweging hun overleg te hervatten om tot een definitieve CAO-tekst te komen. De Bonden werden veroordeeld in de kosten van het geding.
Uitkomst: De vorderingen van de vakbonden worden afgewezen omdat nog geen definitieve CAO is gesloten en ondertekend.