ECLI:NL:RBROT:2009:BJ1672
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Janssen
- Asscheman-Versluis
- De Vreede
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor seksueel misbruik minderjarige dochter op 9 september 2007
De rechtbank Rotterdam heeft op 1 juli 2009 uitspraak gedaan in een zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van seksueel misbruik van zijn minderjarige dochter [s.o.1]. Het bewezen verklaarde feit betreft het seksuele contact op 9 september 2007, waarbij spermasporen van verdachte werden aangetroffen in het lichaam en kleding van het slachtoffer. Verdachte ontkende het misbruik en stelde een alternatief scenario voor, dat door de rechtbank als onaannemelijk werd verworpen.
De verklaringen van het slachtoffer waren consistent en werden ondersteund door forensisch DNA-onderzoek van het Nederlands Forensisch Instituut. Voor de periode van 1 januari 2000 tot 9 september 2007 kon het misbruik niet worden bewezen vanwege gebrek aan overtuigend bewijs en tegenstrijdigheden in de verklaringen en omstandigheden.
Daarnaast werd verdachte vrijgesproken van de beschuldigingen van seksueel misbruik van [s.o.2] in de periode 1987-1992 wegens onvoldoende onderbouwing. De rechtbank legde een gevangenisstraf van 20 maanden op, rekening houdend met de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte. Tevens werd een schadevergoeding van € 2.000 toegewezen aan het slachtoffer [benadeelde partij 1].
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 20 maanden gevangenisstraf voor seksueel misbruik op 9 september 2007, vrijgesproken van eerdere beschuldigingen.