ECLI:NL:RBROT:2009:BI9058
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart zich onbevoegd wegens arbitragebeding in bouw-aannemingsovereenkomst
In deze civiele procedure vordert VandeBouw c.s. dat de rechtbank zich onbevoegd verklaart om van de vordering van eiser kennis te nemen, omdat een arbitragebeding in de bouw-aannemingsovereenkomst van toepassing zou zijn. Eiser betwist dit en stelt dat het arbitragebeding niet van toepassing is op het geschil over een betalingsverplichting en dat het beroep op het beding misbruik van recht zou zijn.
De rechtbank overweegt dat het arbitragebeding in artikel 11 van Pro de overeenkomst een brede reikwijdte heeft en alle geschillen naar aanleiding van de overeenkomst omvat, zodat de rechtbank zich onbevoegd verklaart ten aanzien van VandeBouw Schiedam Projecten. Het verweer van eiser dat sprake zou zijn van misbruik van recht wordt verworpen omdat het vermoeden van financiële problemen onvoldoende is.
Ten aanzien van de andere gedaagden, VandeBouw Holding en gedaagde sub 3, is geen arbitragebeding overeengekomen en de rechtbank verklaart zich bevoegd om van dat geschil kennis te nemen. De beslissing in de hoofdzaak wordt voor die partijen aangehouden. De proceskosten in het incident worden gecompenseerd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd jegens VandeBouw Schiedam Projecten vanwege het arbitragebeding en compenseert de proceskosten.