ECLI:NL:RBROT:2009:BI4165
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van den Broek-Prins
- Marseille
- Engbers
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van beroepen tegen oplegging en verlenging van huisverbod wegens huiselijk geweld
De burgemeester van Barendrecht legde op 10 januari 2009 een huisverbod op aan eiser en verlengde dit op 20 januari 2009 met 18 dagen. Eiser stelde dat er onvoldoende feitelijke grondslag was, het onderzoek niet zorgvuldig was en het besluit onvoldoende was gemotiveerd. De rechtbank oordeelde dat het huisverbod gebaseerd was op een risico-taxatie instrument en dat er voldoende feiten waren, waaronder eerdere meldingen van huiselijk geweld en een incident waarbij eiser zijn echtgenote mishandelde in het bijzijn van kinderen.
De rechtbank stelde vast dat het onderzoek zorgvuldig was verricht, ondanks enkele gebreken in de dossierstukken, zoals het ontbreken van bepaalde politiemutaties en schriftelijke bevestigingen van afspraken. De motivering van het besluit was voldoende, waarbij het gevaar voor de veiligheid van de vrouw en kinderen zwaarder woog dan het belang van eiser om terug te keren naar de woning.
Ook ten aanzien van de verlenging van het huisverbod oordeelde de rechtbank dat er voldoende feitelijke grondslag was. De dreiging van gevaar was nog aanwezig, mede doordat hulpverlening niet op gang was gekomen en eiser zich op indirecte wijze in de levenssfeer van de vrouw begaf. Eiser had procesbelang bij het beroep omdat hij een beveiligingsbedrijf heeft waarvoor vergunningen worden beoordeeld op basis van dergelijke omstandigheden.
De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond en zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De beroepen tegen het opleggen en verlengen van het huisverbod worden ongegrond verklaard.