ECLI:NL:RBROT:2009:BI2225
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzet tegen executoriale terugvordering WWB wegens formele rechtskracht
De gemeente heeft op 19 augustus 2004 besloten tot terugvordering van €7.123,66 aan teveel verleende bijstand aan persoon 1 en opposante, die op het adres stond ingeschreven. Opposante maakte geen bezwaar of beroep tegen dit besluit en werd pas in 2006 met het executoriale besluit geconfronteerd.
Opposante voerde onder meer verjaring aan op grond van artikel 5:35 Awb Pro, onbekendheid met het besluit vanwege verhuizing, onjuistheid van het besluit en dat het besluit niet aan haar gericht was. De gemeente betwistte deze punten en stelde dat het besluit formele rechtskracht heeft en ook aan opposante was gericht.
De rechtbank oordeelde dat artikel 5:35 Awb Pro niet van toepassing is op terugvorderingen van bijstand, maar dat de vijfjarige verjaringstermijn uit artikel 3:309 BW Pro geldt. Deze termijn was nog niet verstreken. Het niet tijdig gebruik maken van bezwaar- en beroepsmogelijkheden leidt tot formele rechtskracht van het besluit. Er was geen sprake van een klaarblijkelijke feitelijke misslag of misbruik van bevoegdheid door de gemeente.
Daarom werd het verzet van opposante tegen de executoriale tenuitvoerlegging afgewezen en werd zij veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzet tegen de executoriale terugvordering wordt afgewezen en opposante wordt veroordeeld in de proceskosten.