ECLI:NL:RBROT:2009:BH7797
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding proceskosten na niet-ontvankelijk verklaring bezwaar bij opschorting bijstandsuitkering
Eiseres ontving sinds 1997 een bijstandsuitkering, die per 5 april 2008 werd opgeschort omdat zij niet tijdig een gevraagde belastingbeschikking had ingeleverd. Na het indienen van een pro-forma bezwaarschrift, dat niet de gronden van het bezwaar bevatte, werd het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Eiseres stelde beroep in tegen dit besluit en vorderde vergoeding van de gemaakte kosten in de bezwaarprocedure.
De rechtbank oordeelde dat het pro-forma bezwaarschrift niet voldoet aan de eisen van artikel 6:4 en Pro 6:5 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en daarom niet kan worden beschouwd als een bezwaarschrift waarop een proceskostenvergoeding van toepassing is. Omdat geen sprake was van kosten die volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht vergoed kunnen worden, was er geen grond voor vergoeding.
De rechtbank stelde vast dat eiseres slechts opkomt tegen de weigering van vergoeding van proceskosten en niet tegen de inhoudelijke opschorting, die inmiddels was opgeheven. De rechtbank verwierp het beroep en zag geen aanleiding tot toekenning van proceskostenvergoeding. De beslissing van verweerder werd bevestigd ondanks een kennelijke verschrijving in de motivering van het bestreden besluit.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van vergoeding van proceskosten wordt ongegrond verklaard.