ECLI:NL:RBROT:2008:BG6967
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rijperman
- Van der Laan-Kuijt
- Rapmund
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen zware mishandeling en nalaten medische hulp bij overlijden baby
Op 5 december 2007 werd het levenloze lichaam van een nog geen vier weken oude baby aangetroffen in de woning van verdachte en zijn medeverdachte. Sectiebevindingen toonden aan dat de baby was overleden als gevolg van minimaal twee incidenten van zwaar geweld. De rechtbank concludeerde dat het geweld door verdachte en/of medeverdachte was toegebracht, waarbij een ongeluk als oorzaak werd uitgesloten.
Hoewel het primaire ten laste gelegde feit van doodslag niet wettig en overtuigend bewezen kon worden verklaard, achtte de rechtbank medeplegen van zware mishandeling en nalaten van noodzakelijke medische hulp bewezen. De verdachten hadden bewust nagelaten hulp te zoeken toen het duidelijk was dat de baby medische zorg nodig had, ondanks de aanwezigheid van hulpverlenende instanties.
Deskundigenrapporten toonden aan dat verdachte verminderd toerekeningsvatbaar was vanwege een lichte verstandelijke handicap, persoonlijkheidsstoornissen en cannabisafhankelijkheid. Gezien de ernst van de feiten en het hoge recidiverisico werd een gevangenisstraf van drie jaar opgelegd, gecombineerd met terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege.
De rechtbank benadrukte dat de verdachten hun rechtsplicht jegens hun kind ernstig hadden geschonden door niet in te grijpen en de mishandeling toe te laten, wat uiteindelijk tot het overlijden van hun baby leidde. De straf is lager dan geëist vanwege onzekerheid over wie het fatale letsel heeft toegebracht.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf en terbeschikkingstelling met dwangverpleging wegens medeplegen van zware mishandeling en nalaten medische hulp bij overlijden van baby.