ECLI:NL:RBROT:2008:BD8245
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing boeteoplegging wegens kartelvorming in de GWW-sector
De rechtbank Rotterdam behandelde het beroep van Joost Visser Aannemingsbedrijf B.V. en Visser en Kuyper Beheer B.V. tegen een boetebesluit van de Nederlandse Mededingingsautoriteit wegens overtreding van artikel 6 van Pro de Mededingingswet en artikel 81 van Pro het EG-Verdrag. De boete betrof deelname aan een systeem van vooroverleg in de GWW-sector tussen 1998 en 2001.
De rechtbank oordeelde dat deelname aan de versnelde procedure vrijwillig was en dat de voorwaarden, waaronder het afzien van betwisting van feiten en juridische beoordeling, vooraf duidelijk waren gecommuniceerd. De boetegrondslag, gebaseerd op de aanbestedingsomzet van 2001, werd als redelijk en passend beoordeeld, ondanks het ontbreken van onderscheid tussen openbare en onderhandse aanbestedingen.
Verder werd bevestigd dat de boetevermindering op grond van clementie en fiscale medewerking conform het beleid was toegepast. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel en het vertrouwensbeginsel faalde, evenals het beroep op matiging van de boete wegens financiële situatie. De rechtbank concludeerde dat de boeteoplegging niet in strijd was met het evenredigheidsbeginsel en dat het beroep ongegrond is.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens overtreding van de Mededingingswet en het EG-Verdrag wordt ongegrond verklaard.