ECLI:NL:RBROT:2008:BD0624
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van de Grampel
- De Geus
- Trotman
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens gevaar veroorzaken en hinderen van verkeer met vrachtwagen
Op 14 juni 2006 reed de verdachte met een vrachtwagen in Rotterdam en veroorzaakte een verkeersongeval waarbij een fietser ernstig letsel opliep. De verdachte sloeg rechtsaf bij een kruising en zag de fietser, die rechtdoor wilde, niet, waardoor een botsing ontstond. De rechtbank oordeelde dat de verdachte onvoldoende zorgvuldigheid betrachtte en dat de fietser zich vermoedelijk in de dode hoek bevond.
De verdachte voerde afwezigheid van alle schuld aan, stellende dat hij de fietser niet had kunnen zien. De rechtbank verwierp dit verweer, stellende dat de fietser zichtbaar had moeten zijn in de rechter buitenspiegel en dat de verdachte zijn rijgedrag had moeten aanpassen vanwege de mogelijke dode hoek. De rechtbank achtte het moment van onoplettendheid niet zo ernstig dat het primair ten laste gelegde feit bewezen kon worden, maar wel het subsidiaire feit.
De rechtbank veroordeelde de verdachte tot een geldboete van €300, met een vervangende hechtenis van zes dagen bij niet-betaling, en legde een ontzegging van de rijbevoegdheid van drie maanden op, voorwaardelijk met een proeftijd van één jaar. De strafmotivering hield rekening met de ernst van het feit, de gevolgen voor het slachtoffer en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een geldboete van €300 en een voorwaardelijke ontzegging van rijbevoegdheid van drie maanden wegens het veroorzaken van gevaar en hindering in het verkeer.