ECLI:NL:RBROT:2008:BC7531
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van der Groen
- Poell
- Rapmund
- Rechtspraak.nl
Veroordeling deelname aan terroristische organisatie en wapenbezit met terroristisch oogmerk
De rechtbank Rotterdam heeft op 25 maart 2008 uitspraak gedaan in de Piranha II-zaak waarin verdachte werd beschuldigd van deelname aan een terroristische organisatie met het oogmerk terroristische misdrijven te plegen, het voorbereiden en bevorderen van dergelijke misdrijven, en het bezit van vuurwapens en munitie met terroristisch oogmerk.
De rechtbank stelde vast dat verdachte samen met medeverdachten een duurzaam en gestructureerd samenwerkingsverband vormde, waarbij hij een faciliterende rol vervulde zoals het vervoeren van personen en het huren van een appartement in Brussel. Er was sprake van het gezamenlijk voorhanden hebben van meerdere vuurwapens, waaronder een baby-uzi, revolver en machinepistool, met bijbehorende munitie en een geluiddemper.
Verdachte voerde een beroep op psychische overmacht wegens angst, maar dit werd door de rechtbank verworpen. Een deskundige stelde vast dat verdachte verminderd toerekeningsvatbaar was, maar dit sloot volledige straffeloosheid uit. De redelijke termijn was overschreden, maar niet in die mate dat sprake was van schending van artikel 6 EVRM Pro.
Gelet op de ernst van de feiten, de terroristische intenties gericht op aanslagen op Nederlandse politici en de rol van verdachte, legde de rechtbank een gevangenisstraf van drie jaar op, hoger dan de eis van het Openbaar Ministerie. Mitigerende factoren waren de verminderde toerekeningsvatbaarheid, medewerking aan het onderzoek en deelname aan een getuigenbeschermingsprogramma.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie jaar wegens deelname aan een terroristische organisatie en wapenbezit met terroristisch oogmerk.