ECLI:NL:RBROT:2008:BC6228
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Hoofdelijke aansprakelijkheid werkgever en scheepseigenaar voor ongeval werknemer aan boord schip GODAFOSS
Op 1 november 2000 raakte werknemer Barning gewond door het breken van een versleten veiligheidsketting aan boord van het schip GODAFOSS, eigendom van Gfoss en geëxploiteerd door Eimskip. Barning was formeel in dienst van ILS, die hem aan HRS had uitgeleend. Assuradeuren, als aansprakelijkheidsverzekeraars van ILS, betaalden schadevergoeding aan Barning en vorderden regres op Gfoss en Eimskip.
De rechtbank stelt vast dat Gfoss als eigenaar en Eimskip als exploitant hoofdelijk aansprakelijk zijn naast ILS. Echter, de vereenzelviging van Eimskip met Gfoss wordt afgewezen omdat de omstandigheden onvoldoende zijn om het identiteitsverschil op te heffen.
De regresvordering van Assuradeuren op Gfoss is niet verjaard omdat elke betaling een nieuwe vordering creëerde en de verjaringstermijn telkens opnieuw begon. De vaststellingsovereenkomst tussen ILS en Gfoss beperkt zich tot loonbetalingen en sluit regresvorderingen van Assuradeuren niet uit.
De rechtbank laat bewijs toe over de omvang van de betalingen en aansprakelijkheid van ILS en houdt verdere beslissing aan. Proceskosten worden toegewezen aan Eimskip wegens afwijzing van de vordering tegen haar.
Uitkomst: Regresvordering tegen Eimskip afgewezen, regresvordering tegen Gfoss niet verjaard en verdere bewijslevering toegestaan.