ECLI:NL:RBROT:2007:BB1175
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige betrokkenheid in procedure wegens valse handtekening onder geldleningsovereenkomst
In deze civiele procedure stond centraal of eisers terecht gedaagde als borg konden aanspreken op een geldleningsovereenkomst waarvan de handtekening van gedaagde vals bleek te zijn. Vast is komen te staan dat de handtekening niet van gedaagde afkomstig was en dat eisers hiervan op de hoogte waren bij het betrekken van gedaagde in de procedure.
De rechtbank oordeelde dat het handelen van eisers onbehoorlijk en onrechtmatig was omdat zij wisten dat hun vordering kansloos was en gedaagde desondanks in rechte betrokken. Hierdoor leed gedaagde schade, waaronder immateriële schade door aantasting van haar goede naam.
De gevorderde schadevergoeding werd deels toegewezen; immateriële schade werd vastgesteld op €400,-, terwijl andere kostenposten onvoldoende waren onderbouwd en werden afgewezen. Tevens werden eisers veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Eisers zijn onrechtmatig jegens gedaagde geweest en worden veroordeeld tot een schadevergoeding van €400,- en proceskosten.