ECLI:NL:RBROT:2007:BA0003
Rechtbank Rotterdam
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring prematuur beroep niet tijdig besluit bezwaar
Opposant verzocht herziening van een besluit tot toekenning van ouderdomspensioen met korting wegens niet-verzekerde jaren. Na afwijzing op bezwaar en het uitblijven van tijdige beslissing daarop, stelde opposant prematuur beroep in. De rechtbank verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk omdat zij aannam dat er instemming was met latere afdoening van het bezwaar.
In het verzet betoogde opposant dat de rechtbank ten onrechte aannam dat sprake was van instemming en dat het beroep mede gericht was tegen een nadere beslissing op bezwaar die tijdens de procedure werd genomen. De rechtbank oordeelde dat het verzoek om uitstel voor schriftelijke indiening van bezwaarschriften niet betekende dat het bezwaar niet-ontvankelijk was en dat verweerder het besluit van 19 december 2006 onverwijld had moeten overleggen.
De rechtbank stelde vast dat het prematuur ingestelde beroep niet in de weg stond aan behandeling van het besluit dat tijdens de procedure viel, en dat het beroep mede tegen dat besluit was gericht. Daarom werd het verzet gegrond verklaard, de eerdere uitspraak verviel en werd het onderzoek voortgezet.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het prematuur beroep is gegrond verklaard en de procedure wordt voortgezet.