ECLI:NL:RBROT:2006:AZ4948
Rechtbank Rotterdam
- Raadkamer
- De Boer
- Van Belzen
- Van de Kar
- Rechtspraak.nl
Beschikking tot schadevergoeding na vrijspraak en detentie verzoeker overleden
De rechtbank Rotterdam behandelde op 10 oktober 2006 het verzoek tot schadevergoeding ex artikel 89 Wetboek Pro van Strafvordering van wijlen Rachid B., die op 5 juli 2006 was overleden. Verzoeker was vrijgesproken in de strafzaak tegen de zogenoemde Hofstadgroep. Hij had in totaal 315 nachten in uitleveringsdetentie, verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, waarvan 43 nachten in beperkingen.
De rechtbank achtte gronden van billijkheid aanwezig en kende aan de erfgenamen een vergoeding toe van € 20.745 voor de detentiedagen, gebaseerd op standaardtarieven. Een verzoek tot vergoeding van materiële schade, waaronder huurachterstand en ontruimingskosten van de woning, werd afgewezen omdat onvoldoende aannemelijk was gemaakt dat deze schade direct het gevolg was van de detentie.
De beschikking werd uitgesproken door de raadkamer van de rechtbank Rotterdam te 's-Gravenhage op 7 november 2006, waarbij de vergoeding ten laste van de Staat werd toegekend aan de erfgenamen van verzoeker.
Uitkomst: De rechtbank kent aan de erfgenamen een vergoeding van € 20.745 toe voor de detentiedagen en wijst het overige verzoek af.