ECLI:NL:RBROT:2006:AY4887
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.V.M. Los
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst en loonvordering na faillissement en opvolging werkgever
De werknemer was aanvankelijk in dienst bij Winkelbakkerij L. Klootwijk B.V. met een jaarcontract dat werd omgezet in een contract voor onbepaalde tijd. Na faillissement van deze werkgever werd de arbeidsovereenkomst door de curator opgezegd. De werknemer trad vervolgens in dienst bij de rechtsopvolger LK Bakkerij voor bepaalde tijd, waarvan het contract later werd verlengd.
De werknemer vorderde wedertewerkstelling en doorbetaling van loon op grond van artikel 7:667 lid 4 en Pro 7:668a BW, stellende dat er sprake was van een keten van arbeidsovereenkomsten. De werkgever stelde dat het dienstverband per 1 oktober 2005 was geëindigd en dat de wettelijke bepalingen niet van toepassing waren.
De kantonrechter oordeelde dat de arbeidsovereenkomst bij de rechtsopvolger vanaf 3 oktober 2004 als een contract voor onbepaalde tijd moest worden beschouwd, mede op basis van de parlementaire geschiedenis van artikel 7:668a BW. De vordering tot loonbetaling werd toegewezen tot de ontbinding van de arbeidsovereenkomst per 31 maart 2006. De vordering tot wedertewerkstelling werd afgewezen omdat de overeenkomst inmiddels was ontbonden. De werkgever werd veroordeeld tot betaling van loon, wettelijke verhoging, rente en buitengerechtelijke kosten.
Uitkomst: LK Bakkerij wordt veroordeeld tot loonbetaling en kostenvergoeding tot ontbinding arbeidsovereenkomst per 31 maart 2006.