ECLI:NL:RBROT:2006:AV7165
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- K.L. van Zetten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot ontbinding huurovereenkomst parkeerplaats wegens onredelijk voordeel verhuurder
Eiseres huurt een appartement en een parkeerplaats van gedaagde, waarbij de huurovereenkomst van de parkeerplaats alleen gelijktijdig met die van de woning kan worden opgezegd. Eiseres, die geen auto bezit, verhuurde de parkeerplaats onder en wilde de overeenkomst voor de parkeerplaats ontbinden. Gedaagde weigerde dit omdat de overeenkomsten onlosmakelijk verbonden zijn.
De kantonrechter oordeelt dat eiseres na de weigering de huurprijs bleef betalen en daarmee berustte in het voortduren van de overeenkomst. De vordering tot ontbinding wordt daarom afgewezen. Het beding dat de parkeerplaats alleen samen met de woning kan worden opgezegd, wordt getoetst aan het criterium van onredelijk voordeel volgens artikel 7:264 lid 1 BW Pro.
De rechter stelt vast dat gedaagde een redelijke prijs vraagt en een eigen prestatie levert door de parkeerplaats beschikbaar te stellen. De koppeling van de huurovereenkomsten is gerechtvaardigd vanwege de verhuurbaarheid en het woonconcept voor ouderen. Eiseres had de keuze om de woning niet te huren. Ook de mogelijkheid tot onderverhuur aan derden door bewoners zonder auto is geregeld en aanvaard door de woonvereniging.
Daarom is het beding niet onredelijk en niet nietig. Eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is gewezen door kantonrechter K.L. van Zetten en uitgesproken op 16 maart 2006.
Uitkomst: De vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst parkeerplaats wordt afgewezen omdat het beding niet onredelijk is.