ECLI:NL:RBROT:2006:AV5292
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.J.A.M. Ahsmann
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens onrechtmatige daad inzake gestolen pendule
In deze civiele zaak vorderen eiseres sub 1 en eiser sub 2 vergoeding van taxatie-, reparatie-, bemiddelings- en incassokosten wegens onrechtmatige daad door gedaagden, die betrokken waren bij de heling van een gestolen 17e-eeuwse pendule uit Frankrijk. Gedaagden zijn eerder strafrechtelijk veroordeeld voor opzetheling van het voorwerp.
De rechtbank beoordeelt eerst het toepasselijke recht en stelt vast dat Nederlands recht van toepassing is vanwege de plaats van het strafbare feit in Nederland. Vervolgens wordt overwogen dat eiser sub 2 zich heeft gevoegd bij eiseres sub 1, maar geen zelfstandige vordering kan instellen. De vordering van eiseres sub 1 is gebaseerd op onrechtmatige daad, maar zij heeft niet gesteld of bewezen schade in haar eigen vermogen te hebben geleden, terwijl de eigenaar van de pendule normaal gesproken de schade draagt.
De rechtbank concludeert dat de vorderingen onvoldoende grondslag hebben en wijst deze af. Ook de buitengerechtelijke kosten en bemiddelingskosten worden niet toegewezen. Proceskosten worden aan eiseres sub 1 en eiser sub 2 opgelegd, met een specificatie per gedaagde. De zaak wordt door de sector civiel recht behandeld, ondanks dat de vordering lager is dan de competentiegrens, om proceseconomische redenen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen af wegens onvoldoende schadeaantoon en veroordeelt eiseres en eiser in de proceskosten.