ECLI:NL:RBROT:2006:AV1215
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- mr. Rutten
- mrs. Van de Grampel
- Soffers
- Rechtspraak.nl
Moeder mede verantwoordelijk voor dood van zoontje door mishandeling en nalaten bescherming
De rechtbank Rotterdam heeft op 7 februari 2006 uitspraak gedaan in de zaak tegen een moeder die haar zoontje mishandelde en naliet hem te beschermen tegen mishandeling door haar vriend. Het kind werd ernstig mishandeld met brandwonden door contact met een heet strijkijzer en overleed uiteindelijk aan het shaken baby syndroom.
Uit forensisch en medisch onderzoek bleek dat het kind meerdere ernstige verwondingen had waaronder grillige brandwonden en hersenletsels passend bij acceleratie-deceleratie trauma. De vriend van verdachte heeft de brandwonden toegebracht en het dodelijke letsel veroorzaakt door het kind heftig te schudden of te gooien. Verdachte wist van de mishandelingen door haar vriend, greep niet in en liet het kind bij hem achter ondanks zijn agressieve gedrag.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte medepleger was van de mishandelingen en mede verantwoordelijk voor de dood van haar kind door haar nalaten te beschermen. De gedragsdeskundigen stelden vast dat verdachte een borderline persoonlijkheidsstoornis met antisociale trekken heeft en verminderd toerekeningsvatbaar is. De rechtbank veroordeelde haar tot een gevangenisstraf van 1 jaar en een ter beschikking stelling met bevel tot dwangverpleging, waarbij voorarrest in mindering werd gebracht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 1 jaar gevangenisstraf en ter beschikking stelling met bevel tot dwangverpleging wegens medeplegen van mishandeling en nalaten bescherming wat leidde tot de dood van haar kind.