ECLI:NL:RBROT:2005:AU6716
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Bogaards
- Van de Water
- Uit Beijerse
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken ontuchtig karakter bij seksuele handelingen tussen jeugdigen
De rechtbank Rotterdam behandelde een zaak waarin een 17-jarige verdachte werd beschuldigd van seksuele handelingen met twee meisjes tussen de twaalf en zestien jaar. De gedragingen vonden plaats binnen een context van een seksueel getinte stoeipartij. De rechtbank stelde vast dat het leeftijdsverschil door de psychoseksuele ontwikkeling van de verdachte aanzienlijk was teruggebracht.
Uit een psychologisch rapport bleek dat de verdachte een zorgelijke sociaal-emotionele en psychoseksuele ontwikkeling had, waardoor hij op seksueel gebied als jonger dan zijn leeftijdsgenoten werd beschouwd. De rechtbank concludeerde dat de seksuele handelingen niet tegen de zin van de meisjes waren verricht en dat er geen sprake was van een zodanig ondergeschikte positie van de meisjes ten opzichte van de verdachte.
De aangifte bevatte weliswaar enkele elementen van onvrijwilligheid, maar deze waren onvoldoende overtuigend gelet op de achtergrond van de aangeefster. De gedragingen werden gekarakteriseerd als seksueel experimenteergedrag binnen een spelletje 'doen durven de waarheid', vergelijkbaar met een seksueel getinte stoeipartij tussen jeugdigen.
Daarom ontbrak het ontuchtige karakter van de ten laste gelegde handelingen, en werd de verdachte vrijgesproken. Tevens werd het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van ontuchtig karakter bij seksuele handelingen tussen jeugdigen.