ECLI:NL:RBROT:2005:AT8136
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid bestuursrechter bij intrekking betalingsregeling gemeentelijke belastingen
Belanghebbende stelde administratief beroep in tegen het besluit van de directeur gemeentebelastingen Rotterdam tot intrekking van een betalingsuitstel voor onroerende zaakbelasting en rioolrecht. Tegelijk verzocht belanghebbende de voorzieningenrechter om schorsing van deze intrekking.
De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit niet valt onder de bevoegdheid van de bestuursrechter conform artikel 26 AWR Pro in verbinding met artikel 231 Gemeentewet Pro. De intrekking van een betalingsregeling is geen besluit waartegen beroep bij de bestuursrechter openstaat.
Indien na intrekking een dwangbevel wordt uitgevaardigd, kan de belastingschuldige verzet aantekenen bij de burgerlijke rechter. De bestuursrechter is derhalve onbevoegd in deze zaak en verklaarde zich zonder zitting onbevoegd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
De uitspraak verduidelijkt de scheiding van bevoegdheden tussen bestuursrechter en burgerlijke rechter bij invordering van gemeentelijke belastingen en bevestigt dat bezwaar tegen intrekking betalingsregeling niet via bestuursrechtelijke weg kan worden behandeld.
Uitkomst: De voorzieningenrechter verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep tegen intrekking van de betalingsregeling.