ECLI:NL:RBROT:2003:AI0299
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Flint-van Noort
- Verbeek
- Heevel
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor medeplegen invoer van circa 1000 kg hasjiesj met gedeeltelijke nietigheid tenlastelegging
De rechtbank Rotterdam heeft verdachte veroordeeld voor medeplegen van de invoer van ongeveer 1000 kilogram hasjiesj. De tenlastelegging vermeldde zowel gewone invoer als invoer volgens artikel 1 lid 4 van Pro de Opiumwet met de formulering 'en/of', wat de rechtbank partieel nietig verklaarde wegens innerlijke tegenstrijdigheid. De primaire tenlastelegging betrof gewone invoer, welke bewezen werd verklaard.
Het bewijs berustte op diverse processen-verbaal, verklaringen en inbeslaggenomen goederen. Verdachte had een centrale rol in het transport, waarbij hij een vrachtwagenchauffeur benaderde en instructies gaf voor het vervoeren van drugs vanuit Spanje. De rechtbank achtte de bewijsvoering rechtmatig en verwierp het verweer van onrechtmatige bewijsvergaring.
De straf is bepaald op twaalf maanden gevangenisstraf, waarvan twee maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Hierbij is rekening gehouden met het feit dat verdachte niet eerder voor soortgelijke feiten was veroordeeld. De rechtbank sprak verdachte vrij van overige tenlastegelegde feiten die niet bewezen konden worden.
Verder werd bepaald dat de in beslag genomen patronen aan het verkeer worden onttrokken, terwijl een glazen buis/spiraal aan verdachte wordt teruggegeven. De tijd in voorlopige hechtenis wordt in mindering gebracht op de straf.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot twaalf maanden gevangenisstraf, waarvan twee maanden voorwaardelijk, voor medeplegen van invoer van hasjiesj.