ECLI:NL:RBROE:2011:BQ5713
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen tijdelijk huisverbod wegens onvoldoende onderbouwing
Op 9 november 2010 legde de burgemeester van Venray een tijdelijk huisverbod op aan eiser, waarbij hij de woning moest verlaten en gedurende de verbodsperiode geen contact mocht hebben met medebewoners. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit en voerde aan dat het huisverbod onvoldoende was gemotiveerd en dat de risicotaxatie slechts een toetsmiddel is, geen bewijs van geweld.
De rechtbank oordeelde dat eiser voldoende procesbelang had ondanks het beëindigen van het huisverbod, vanwege mogelijke aantasting van eer en goede naam en financieel nadeel. De hulpofficier van justitie had het risico op huiselijk geweld beoordeeld aan de hand van politiegegevens, getuigenverklaringen en eerdere antecedenten. Hoewel eiser het bestaan van geweld ontkende en stelde dat verzet bij aanhouding ten onrechte als geweld was meegewogen, concludeerde de rechtbank dat de feiten en omstandigheden zoals opgenomen in het risicotaxatie-instrument en het proces-verbaal voldoende waren om het huisverbod te dragen.
De rechtbank verwierp het beroep en wees het verzoek om proceskostenveroordeling af. Het oordeel was dat de burgemeester zijn vergewisplicht had nageleefd en dat het besluit niet onrechtmatig was. De uitspraak werd op 11 mei 2011 gedaan en partijen werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het tijdelijk huisverbod wordt ongegrond verklaard en het huisverbod blijft in stand.