ECLI:NL:RBROE:2010:BO4805
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing Wmo-pas wegens onduidelijke inkomensgrens en rechtszekerheidsbeginsel
Eiseres diende een aanvraag in voor een Wmo-pas om deel te nemen aan het collectieve vervoerssysteem tegen een gereduceerd tarief. De aanvraag werd afgewezen op grond van artikel 29 van Pro de Verordening, dat stelt dat bij een inkomen boven 1,5 maal de inkomensgrens het bezit van een personenauto als algemeen gebruikelijk wordt beschouwd, waardoor een vervoerskostenvoorziening niet noodzakelijk zou zijn.
De rechtbank oordeelde dat artikel 29 van Pro de Verordening onvoldoende duidelijk is geformuleerd. Het is onduidelijk of de inkomensgrens alleen geldt voor personen die gebruik kunnen maken van een auto of voor iedereen met een inkomen boven de grens. Daarnaast is onduidelijk of het begrip vervoerskostenvoorziening alleen betrekking heeft op kosten van vervoer of ook op deelname aan het collectieve vervoerssysteem. Dit leidt tot strijd met het rechtszekerheidsbeginsel, waardoor artikel 29 onverbindend Pro is.
Verder stelde de rechtbank vast dat verweerder het bezwaar van eiseres ten onrechte deels niet-ontvankelijk had verklaard en dat verweerder de aanvraag niet had mogen weigeren op basis van de toelichting bij artikel 29. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat verweerder een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van de overwegingen.
Tot slot veroordeelde de rechtbank verweerder in de proceskosten ten gunste van eiseres.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot afwijzing van de Wmo-pas wordt vernietigd en verweerder dient een nieuw besluit te nemen.