ECLI:NL:RBROE:2010:BO2565
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Procedurele vereisten voor zelfstandige verdeling huwelijksgoederengemeenschap
Verzoekster heeft bij verzoekschrift verzocht om verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap op haar wijze. De rechtbank stelt voorshands vast dat, behalve in het kader van een echtscheidingsprocedure waarbij verdeling als nevenvoorziening wordt gevraagd, een zelfstandige vordering tot verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap uitsluitend via dagvaarding kan worden ingeleid.
Deze conclusie baseert de rechtbank op de samenhang tussen artikel 261 lid 2 Rv Pro, dat bepaalt dat alleen zaken die uit de wet voortvloeien via verzoekschrift kunnen worden ingeleid, en artikel 677 Rv Pro, dat spreekt over 'het vonnis' en 'de vordering' bij verdeling van gemeenschappen. De rechtbank geeft partijen de gelegenheid om zich binnen vier weken uit te spreken over dit voorshands oordeel.
Indien de rechtbank na de reacties van partijen bij haar oordeel blijft, zal zij handelen overeenkomstig artikel 69 Rv Pro, wat kan leiden tot niet-ontvankelijkheid van het verzoekschrift. De verdere beslissing wordt aangehouden tot partijen hun standpunt hebben gegeven.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de zelfstandige vordering tot verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap niet via verzoekschrift kan worden ingeleid en stelt partijen in de gelegenheid zich hierover uit te laten.