ECLI:NL:RBROE:2009:BK4859

Rechtbank Roermond

Datum uitspraak
25 november 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08-47 R en 08/48 R
Instantie
Rechtbank Roermond
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 338 FaillissementswetArt. 153 FaillissementswetArt. 287a FaillissementswetArt. 332 lid 4 sub a Faillissementswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Homologatie van schuldsaneringsakkoord ondanks tegenstem preferente schuldeiser

De rechtbank Roermond heeft op 25 november 2009 een akkoord in een schuldsaneringsregeling gehomologeerd ondanks dat de enige preferente schuldeiser, de Belastingdienst, tegen het akkoord had gestemd. Van de 32 concurrente schuldeisers stemden 25 voor het akkoord, één tegen en vier reageerden niet. De preferente schuldeiser had een vordering van EUR 956,00 en zou 49,27% van haar vordering ontvangen.

De rechtbank nam in aanmerking dat het akkoord mede mogelijk werd gemaakt door een bijdrage van EUR 20.000,00 van de werkgever van de schuldenaar. Gezien de verhouding tussen de preferente en concurrente schuldeisers en het percentage dat de preferente schuldeiser zou ontvangen, achtte de rechtbank het redelijk dat deze schuldeiser tegenstemde. De rechtbank volgde de rechter-commissaris in de beoordeling dat de wetgever niet heeft beoogd dat in een situatie met slechts één preferente schuldeiser de homologatie geweigerd moet worden.

Er waren geen bezwaren van schuldeisers tijdens de verificatievergadering en niemand was ter zitting verschenen. De rechtbank stelde het salaris van de bewindvoerder en de kosten van publicaties vast en bepaalde dat deze kosten uit de boedel worden voldaan. Tegen deze uitspraak kan binnen acht dagen hoger beroep worden ingesteld via een advocaat.

Uitkomst: De rechtbank homologeert het akkoord ondanks tegenstem van de enige preferente schuldeiser.

Uitspraak

RECHTBANK ROERMOND
Sector civielrecht
Insolventienummer: 08/47 R en 08/48 R
Bij vonnis van deze rechtbank van 19 februari 2008 is de definitieve schuldsanering uitgesproken ten aanzien van
[xxx],
geboren op [geboortedatum]1963 te [geboorteplaats],
en [yyy],
geboren op [geboortedatum]1966 te [geboorteplaats],
wonende: [adres], [woonplaats],
1. Het verdere verloop van de procedure
1.1. De rechtbank heeft kennisgenomen van het proces-verbaal van de op
5 november 2009 gehouden verificatievergadering, alsmede van het aangenomen akkoord.
1.2. De rechter-commissaris heeft ter terechtzitting van 19 november 2009 verslag uitgebracht. Bezwaren van schuldeisers zijn noch bij de verificatievergadering, noch ter zitting naar voren gebracht.
1.3. Ter zitting van 19 november 2009 is niemand verschenen.
1.4. Bij de behandeling is gebleken van het bestaan van de gevallen als genoemd in artikel 338 juncto Pro artikel 153 van Pro de Faillissementswet waarin de homologatie van het akkoord zou behoren te worden geweigerd.
Gebleken is dat de enige preferente schuldeiser, Belastingdienst Roermond, tegen het aangeboden akkoord heeft gestemd. Van de 32 concurrente schuldeisers hebben 25 schuldeisers vóór het aangeboden akkoord gestemd. 1 concurrente schuldeiser heeft tegen het aangeboden akkoord gestemd. Van 4 concurrente schuldeisers is geen reactie ontvangen.
De enige preferente schuldeiser heeft een vordering van EUR 956,00 terwijl de instemmende concurrente schuldeisers een bedrag van EUR 162.078,56 aan vorderingen vertegenwoordigen. De preferente schuldeiser zou bij aanname van het akkoord 49,27% van haar vordering ontvangen. Het aanbieden van een akkoord is mogelijk geworden doordat de werkgever van de heer [xxx] een bedrag van EUR 20.000,00 ter beschikking heeft gesteld.
1.5. De rechtbank is met de rechter-commissaris van oordeel dat het er voor moet worden gehouden dat aan de strekking van artikel 332 lid 4 sub a van Pro de Faillissementswet is voldaan. In de onderhavige schuldsaneringsregeling is slechts één preferente schuldeiser. Deze preferente schuldeiser heeft tegen het aangeboden akkoord gestemd. Hierdoor is het onmogelijk dat drie vierde van de preferente schuldeisers voor het aangeboden akkoord kunnen stemmen. Een redelijke en op de praktijk toegesneden uitleg van voornoemde bepaling brengt met zich dat de wetgever niet kan hebben beoogd dat in een situatie als deze de rechter-commissaris de bevoegdheid niet zou hebben om een aangeboden akkoord vast te stellen als ware het aangenomen.
De rechtbank neemt, net als de rechter-commissaris, daartoe in aanmerking dat zelden meer dan twee preferente schuldeisers worden aangetroffen alsmede dat artikel 287a van de Faillissementswet, dat ziet op een vergelijkbare situatie met alleen dit verschil dat het gaat om een (dwang)akkoord aangeboden voorafgaand aan een verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling, niet de eis van een gekwalificeerde meerderheid van de schuldeisers stelt en daarenboven geen onderscheid maakt tussen preferente schuldeisers en concurrente schuldeisers.
Gelet op de omvang van de vordering van de enige preferente schuldeiser afgezet tegen de omvang van de 25 instemmende concurrente schuldeisers en gelet op het percentage (49,27%) dat zij als preferente schuldeiser ontvangt op grond van het aangeboden akkoord alsmede de aannemelijkheid dat bij voortzetting van de schuldsaneringsregeling het bedrag dat de tegenstemmende preferente schuldeiser zou ontvangen niet substantieel hoger zal zijn, heeft zij in redelijkheid niet tot haar stemgedrag kunnen komen.
Gelet op het vorenstaande dient het akkoord dan ook te worden gehomologeerd.
1.6. De rechtbank zal het salaris van de bewindvoerder en de door deze gemaakte kosten vaststellen. De kosten van de in de schuldsaneringsregeling bevolen publicaties kunnen uit de boedel worden voldaan.
2. De beslissing
De rechtbank
2.1. homologeert het op 5 november 2009 aangenomen akkoord;
2.2. stelt het bedrag van het salaris van de bewindvoerder vast op EUR 1,301,00 (exclusief de daarover verschuldigde omzetbelasting) minus het reeds opgenomen voorschot en stelt het bedrag van de reiskosten vast op EUR 49,68;
2.3. bepaalt dat de kosten van de krachtens de Faillissementswet geplaatste publicaties ten laste van de boedel komen;
stelt het totaalbedrag van deze kosten vast op EUR 130,00 en bepaalt dat deze kosten, voor zover nog niet voldaan, door de bewindvoerder worden overgemaakt op bankrekening nummer 19.23.03.376 ten name van Rechtbank Roermond (425) onder vermelding van het insolventiekenmerk en de datum van dit vonnis.
Deze beschikking is gegeven door mr. H.T.J.F. Verhappen en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 25 november 2009 in tegenwoordigheid van de griffier.
Tegen deze uitspraak kan degene, aan wie de Faillissementswet dat recht toekent, uitsluitend via een advocaat binnen acht dagen na de dag van deze uitspraak hoger beroep instellen bij een verzoekschrift, in te dienen ter griffie van het gerechtshof dat van deze zaak kennis moet nemen.