ECLI:NL:RBROE:2009:BK2303
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken belanghebbende bij handhaving reclameobjecten
Eiser verzocht het college van burgemeester en wethouders van Roermond om handhavend op te treden tegen diverse reclameobjecten in de gemeente. Verweerder verklaarde het bezwaar van eiser niet-ontvankelijk omdat eiser niet als belanghebbende in de zin van artikel 1:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kon worden aangemerkt.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende onderscheidend belang had ten opzichte van andere passanten en weggebruikers. Zijn subjectieve gevoel van betrokkenheid bij de reclameobjecten was niet voldoende om als belanghebbende te worden beschouwd. Hierdoor was er geen sprake van een aanvraag in de zin van artikel 1:3, derde lid, Awb en was de reactie van verweerder geen besluit in de zin van de Awb.
De rechtbank concludeerde dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk was verklaard en dat het beroep ongegrond moest worden verklaard. De inhoudelijke beoordeling van het geschil werd achterwege gelaten omdat eiser geen belanghebbende was. Tegen deze uitspraak staat het rechtsmiddel van verzet open.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat eiser geen belanghebbende is en het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard.