ECLI:NL:RBROE:2009:BI3652
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.W.P.M. Corbey-Smits
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugvordering zorgtoeslag na verrekening voorschot en definitieve vaststelling
Eiseres heeft zorgtoeslag aangevraagd voor 2006 en daarbij verklaard geen toeslagpartner te hebben. Verweerder betaalde een voorschot van €403 uit, maar stelde later definitief vast dat de zorgtoeslag €86 bedroeg, waardoor €317 moest worden terugbetaald. Verweerder hield bij de vaststelling rekening met het inkomen van de heer A, die op hetzelfde adres stond ingeschreven en met wie eiseres kinderen heeft.
Eiseres betwistte dat de heer A haar toeslagpartner is en stelde dat zij een eigen huishouden voert zonder economische band. De rechtbank oordeelde dat op grond van artikel 3 Awir Pro de heer A als toeslagpartner moet worden aangemerkt vanwege het gezamenlijke woonadres en de kinderen. De feitelijke huishouding doet hieraan niet af.
De rechtbank bevestigde dat artikel 26 Awir Pro dwingendrechtelijk bepaalt dat het terug te vorderen bedrag volledig moet worden betaald en dat verweerder niet van terugvordering kan afzien. Het beroep van eiseres wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van zorgtoeslag blijft gehandhaafd.