ECLI:NL:RBROE:2009:BH0731

Rechtbank Roermond

Datum uitspraak
23 januari 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
04/86066106
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 141 Wetboek van Strafrecht
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak verdachte openlijke geweldpleging na steekincident vader

De rechtbank Roermond behandelde op 23 januari 2009 de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van openlijke geweldpleging in vereniging tegen twee slachtoffers in het Wassumpark te Blerick. De tenlastelegging omvatte onder meer het maken van stekende, porrende en slaande bewegingen met harde voorwerpen en het slaan en schoppen van de slachtoffers.

Tijdens de terechtzitting op 9 januari 2009 werd vastgesteld dat verdachte het slachtoffer [slachtoffer 1] heeft geslagen, maar dit gebeurde nadat het slachtoffer kort daarvoor verdachtes vader met een mes had gestoken. Er was geen bewijs dat verdachte voorafgaand aan het steekincident geweld had gebruikt zoals omschreven in de tenlastelegging.

De rechtbank oordeelde dat er geen wettig en overtuigend bewijs was voor openlijke geweldpleging zoals bedoeld in artikel 141 Sr Pro. Het geweld van verdachte was een reactie op het eerdere steekincident en vond plaats nadat de situatie van openlijke geweldpleging was geëindigd. Daarom werd verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde.

De dagvaarding was geldig, de rechtbank was bevoegd en de officier van justitie ontvankelijk. Er waren geen gronden voor schorsing van de vervolging. De uitspraak werd gedaan door drie rechters, waarbij F. Oelmeijer voorzitter was.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van openlijke geweldpleging wegens onvoldoende bewijs voor het ten laste gelegde.

Uitspraak

RECHTBANK ROERMOND
Parketnummer : 04/860661-06
Uitspraak d.d. : 23 januari 2009
TEGENSPRAAK
VONNIS
van de rechtbank Roermond,
meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen:
naam : [verdachte]
voornamen : [voornamen]
geboren op : [geboortedatum en plaats]
adres : [adres]
plaats : [woonplaatss]
1. Het onderzoek van de zaak
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 9 januari 2009.
2. De tenlastelegging
De verdachte staat terecht ter zake dat:
1.
hij op of omstreeks 12 juni 2006 te Blerick, in elk geval in de gemeente Venlo, met een ander of anderen, in/bij het Wassumpark, in elk geval op of aan een voor het publiek waarneembare plaats, openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [slachtoffer 1] en/of [[slachtoffer 2], welk geweld heeft bestaan uit:
- het meermalen, althans eenmaal, maken van stekende of porrende en/of slaande bewegingen met een balk, in elk geval een langwerpig hard voorwerp, in de richting van die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] en/of
- het (dreigend) op die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] afrennen, in elk geval toelopen en/of (vervolgens) joelen of schreeuwen in de richting van die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] en/of
- het slaan of zwaaien met een kettingslot, in elk geval een hard voorwerp, in de richting van die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 1] en/of
- het opheffen of tonen van een ploertendoder, in elk geval een hard voorwerp, in de richting van die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] en/of
- het meermalen, althans eenmaal, slaan en/of schoppen en/of duwen tegen die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2];
Art. 141 Wetboek Pro van Strafrecht.
Voor zover in de tenlastelegging kennelijke schrijffouten of misslagen voorkomen, zijn die in deze weergave van de tenlastelegging door de rechtbank verbeterd. De verdachte is door deze verbetering, zoals uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, niet in de verdediging geschaad.
3. De geldigheid van de dagvaarding
Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de dagvaarding aan alle wettelijke eisen voldoet en dus geldig is.
4. De bevoegdheid van de rechtbank
Krachtens de wettelijke bepalingen is de rechtbank bevoegd van het ten laste gelegde kennis te nemen.
5. De ontvankelijkheid van de officier van justitie
Bij het onderzoek ter terechtzitting zijn geen omstandigheden gebleken die aan de ontvankelijkheid van de officier van justitie in de weg staan. De officier van justitie kan dus in de vervolging worden ontvangen.
6. Schorsing der vervolging
Bij het onderzoek ter terechtzitting zijn geen gronden voor schorsing van de vervolging gebleken.
7. Bewijsoverwegingen
7.1 Standpunten van de officier van justitie en de verdediging
De officier van justitie heeft ter terechtzitting van 9 januari 2009 gevorderd dat het ten laste gelegde zal worden bewezen verklaard.
De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de verdachte dient te worden vrijgesproken van het ten laste gelegde.
7.2 Vrijspraakoverwegingen van de rechtbank
De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan de verdachte is ten laste gelegd.
Op grond van het aanwezige bewijs in het dossier en verdachtes eigen verklaring afgelegd ter terechtzitting op 9 januari 2009 kan het slaan van [slachtoffer 1] door verdachte bewezen worden verklaard. Van openlijke geweldpleging is echter naar het oordeel van de rechtbank geen sprake. Uit het onderzoek ter terechtzitting blijkt dat verdachte [slachtoffer 1] eerst heeft geslagen, nadat [slachtoffer 1] kort daarvoor verdachtes vader met een mes in zijn zij had gestoken. Er is geen bewijs voorhanden waaruit blijkt dat verdachte geweld heeft gebruikt, zoals in de tenlastelegging is omschreven, vóór het moment van steken door [slachtoffer 1]. Indien er al sprake is geweest van een openlijke geweldpleging, als bedoeld in artikel 141 van Pro het Wetboek van Strafrecht, dan deed zich een dergelijke situatie naar het oordeel van de rechtbank in ieder geval niet meer voor op het moment dat verdachte overging tot het slaan van [slachtoffer 1].
Gelet op het vorenstaande dient verdachte dan ook te worden vrijgesproken van het tenlastegelegde.
BESLISSING
De rechtbank:
verklaart niet wettig en overtuigend bewezen, dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij.
Vonnis gewezen door mrs. F. Oelmeijer, C.C.W.M. Aretz en
E.J.H.G. van Binnebeke, rechters, van wie mr. F. Oelmeijer voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. P.C.M. Müller als griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de rechtbank op 23 januari 2009.
Zijnde mr. C.C.W.M. Aretz buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.
typ: TERP