ECLI:NL:RBROE:2008:BG3539
Rechtbank Roermond
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Straat- en contactverbod opgelegd na mishandeling en bedreiging binnen relatie
De vrouw en de man hadden sinds 1999 een affectieve relatie, waarvan zij vanaf 2001 samenwoonden en een dochter kregen. De vrouw verbrak de relatie in april 2008. Kort daarna mishandelde en bedreigde de man haar, waarbij hij ook probeerde haar te wurgen. De man werd in verzekering gesteld en onder strenge voorwaarden geschorst. In augustus 2008 escaleerde de situatie opnieuw, waarbij de man de vrouw sloeg, aankeek, bedreigde en wederom probeerde te wurgen. Ook de dochter werd geslagen.
De vrouw vorderde een straatverbod voor de man rondom haar woonadres en een contactverbod met haar en haar dochter, met dwangsommen en machtiging tot tenuitvoerlegging. De man erkende de ernst, respecteerde het contactverbod met de vrouw, maar betwistte het contactverbod met het kind en het spoedeisend belang, omdat hij gedetineerd was.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de mishandelingen en bedreigingen voldoende aannemelijk waren en dat de vrouw en het kind een zwaarwegend belang hadden bij rust en veiligheid. Het contact tussen man en kind dient via hulpverlening te worden geregeld. Het straat- en contactverbod werd voor de duur van één jaar opgelegd, met een dwangsom van 500 euro per overtreding tot een maximum van 10.000 euro. De proceskosten werden gecompenseerd, ieder draagt eigen kosten.
Uitkomst: De man krijgt een straat- en contactverbod van één jaar met dwangsommen en machtiging tot tenuitvoerlegging opgelegd.