ECLI:NL:RBROE:2008:BG3273
Rechtbank Roermond
- Raadkamer
- A.J.M. Huisman-Kreijn
- M.I.J. Hegeman
- J.H.M. Delnooz-Engels
- Rechtspraak.nl
Rechtbank Roermond verklaart zich onbevoegd wegens ontbreken bevoegdheidsgrond
Verdachte maakte bezwaar tegen de dagvaarding van de rechtbank Roermond, stellende dat de rechtbank niet bevoegd was omdat de feiten in een ander arrondissement waren gepleegd en hij daar woonachtig was. Ook was hij onvrijwillig overgebracht naar Roermond zonder dat er een gerechtelijk vooronderzoek of vervolging in dat arrondissement was gestart.
De officier van justitie verdedigde de bevoegdheid van de rechtbank Roermond met het argument dat het onderzoek daar was begonnen, de rechter-commissaris betrokken was en dat de strafbare feiten met elkaar in verband stonden, zodat één rechtbank wenselijk was. Tevens werd aangevoerd dat het verblijf van verdachte in Roermond bij het uitbrengen van de dagvaarding een bevoegdheidsgrond kon zijn.
De rechtbank oordeelde echter dat geen van de wettelijke aanknopingspunten uit artikel 2 Sv Pro aanwezig waren. Het overbrengen van verdachte naar Roermond was niet terecht omdat er geen gerechtelijk vooronderzoek of vervolging tegen hem of medeverdachten in Roermond was gestart. Ook de verwijzing naar jurisprudentie was niet van toepassing.
Op grond van artikel 6 Sv Pro werd vastgesteld dat de strafbare feiten niet in Roermond waren begaan, verdachte daar niet woonde en er geen andere strafbare feiten in Roermond waren waarvoor vervolging was aangevangen. Daarom verklaarde de rechtbank het bezwaarschrift gegrond en zich onbevoegd kennis te nemen van de ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van de ten laste gelegde strafbare feiten.