ECLI:NL:RBROE:2007:BB6881
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.P. Bosma
- N.J.M. Ruyters
- W.A.H.J. Poppeliers
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel uit drugshandel en witwassen
De rechtbank Roermond heeft in deze zaak uitspraak gedaan over de ontnemingsvordering tegen een veroordeelde die zich sinds 1988 schuldig heeft gemaakt aan grootschalige drugshandel en witwassen. De ontnemingsvordering betreft ook wederrechtelijk verkregen voordeel uit drugshandel vóór de inwerkingtreding van de ontnemingswetgeving op 1 maart 1993, dat later is aangewend voor het plegen van het delict gewoontewitwassen na 14 december 2001.
De verdediging stelde dat voordeel uit feiten van vóór 1993 niet betrokken kan worden bij ontneming vanwege het ontbreken van terugwerkende kracht en verjaring. De rechtbank oordeelde echter dat het witwassen een voortdurend delict is en dat het voordeel uit drugshandel vóór 1993 dat na 2001 is witgewassen wel ontnomen kan worden. Ook voordeel uit drugshandel na 1993 kan worden betrokken.
De rechtbank baseerde de berekening van het wederrechtelijk voordeel op een vermogensvergelijking, waarbij legale inkomsten uit autohandel en verkoop van een bloemenhandel in mindering werden gebracht. Het totale wederrechtelijk verkregen voordeel werd vastgesteld op €3.871.451,15, te vermeerderen met het vervolgprofijt tot volledige betaling. De rechtbank wees verzoeken tot matiging af en verklaarde het openbaar ministerie ontvankelijk in de volledige ontnemingsvordering.
Uitkomst: De veroordeelde wordt verplicht tot betaling van €3.871.451,15 aan wederrechtelijk verkregen voordeel aan de Staat.