ECLI:NL:RBROE:2004:AR7918
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.C.G. Brants
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke machtiging tot uithuisplaatsing van minderjarige in gesloten inrichting
De zaak betreft een verzoek van Stichting Bureau Jeugdzorg Limburg tot spoeduithuisplaatsing van een minderjarige in een gesloten inrichting. De minderjarige was onder toezicht gesteld en verbleef tijdelijk bij Stichting Roerzicht na weglopen en onderduiken.
De stichting acht een gesloten plaatsing noodzakelijk vanwege gedragsproblemen en het belang van een persoonlijkheidsonderzoek. De minderjarige en zijn raadsman verzochten primair afwijzing van het verzoek en subsidiair uitstel van behandeling om het verblijf bij Roerzicht te beproeven en een persoonlijkheidsonderzoek te laten verrichten.
De moeder steunt het verzoek tot gesloten plaatsing, terwijl de begeleidster van Roerzicht bevestigt dat de minderjarige zich daar goed voelt en dat een persoonlijkheidsonderzoek snel kan starten. De kinderrechter oordeelt dat aan het vereiste voor gesloten opname is voldaan, maar dat effectuering pas aan de orde komt indien het onderzoek uitwijst dat andere behandeling faalt.
Daarom wordt de machtiging verleend onder de voorwaarde dat het onderzoek in Roerzicht kan worden afgewacht en gedragsproblemen niet escaleren. De machtiging geldt tot uiterlijk 17 april 2005 en vervalt indien niet binnen drie maanden uitgevoerd. Ouders dienen bij te dragen aan de kosten volgens geldende regeling.
Uitkomst: De kinderrechter verleent een voorwaardelijke machtiging tot gesloten plaatsing van de minderjarige tot uiterlijk 17 april 2005 onder voorwaarden.