WBO Wonen vordert ontbinding van de huurovereenkomst met [gedaagde] wegens een huurachterstand van € 2.723,81 tot oktober 2025, betaling van de achterstand, incassokosten en rente, en ontruiming van de woning. [gedaagde] erkent de achterstand maar verzet zich tegen ontbinding vanwege persoonlijke en financiële omstandigheden, waarbij hulpverlening is gestart en de woning is aangepast aan zijn fysieke beperkingen.
Na een mondelinge behandeling is een betalingsregeling van € 350 per maand afgesproken, ingaande 13 januari 2026, waarbij ook de lopende huur tijdig moet worden voldaan. De kantonrechter beoordeelt dat de achterstand en bijkomende kosten terecht zijn gevorderd en dat de ontbinding van de huurovereenkomst gegrond is vanwege de omvang van de betalingsachterstand.
Gezien het woonbelang van [gedaagde] en de betalingsregeling wordt de ontbinding en ontruiming voorwaardelijk toegewezen. Indien [gedaagde] binnen één jaar de betalingsregeling of de lopende huur niet nakomt, moet hij de woning ontruimen. Tevens wordt hij veroordeeld tot betaling van proceskosten en een vergoeding voor voortgezet gebruik na ontbinding.