Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
[partij A],
[partij B],
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 27 januari 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt
- de pleitnota van [partij A] , tijdens de mondelinge behandeling voorgedragen door mr. Mercanoglu,
- de pleitnota van [partij B] , tijdens de mondelinge behandeling voorgedragen door mr. Bovenmars-Wilmink.
2.De feiten
de echtelijke woning aan de [adres] te [plaats 2]wordt verkocht, waarbij het volgende heeft te gelden:
het appartement in [plaats 4] (Turkije)van de man vaststelt, waarbij het volgende heeft te gelden:
3.Het geschil
- i) een bevel tot medewerking aan de uitvoering van de taxatie van het appartement in [plaats 4] door makelaarskantoor [makelaar 2] , op straffe van een dwangsom;
- ii) een bevel tot het geven van een schriftelijke bevestiging dat de taxatie kan worden uitgevoerd door [makelaar 2] , op straffe van een dwangsom;
- iii) een bevel om over te gaan tot verrekening/verdeling van de taxatie-uitkomst van het appartement in [plaats 4] , op straffe een dwangsom;
- iv) een verkoopverbod ten aanzien van de echtelijke woning in [plaats 2] , tot het moment dat de onder (iii) genoemde verrekening is voltooid, op straffe van een dwangsom;
- v) een veroordeling in de daadwerkelijk gemaakte proceskosten.
- i) [partij A] te veroordelen om medewerking te verlenen aan de verkoop van de echtelijke woning in [plaats 2] , waarbij ten aanzien van de tussenstappen van het proces dat moeten leiden tot verkoop en (uiteindelijk) levering van de woning, dwangsomveroordelingen worden gevorderd;
- ii) in het geval dat in conventie een verkoopverbod wordt uitgesproken: een veroordeling van [partij A] om medewerking te verlenen aan de taxatie van de woning in [plaats 2] , op straffe van een dwangsom;
- iii) opheffing van het beslag dat [partij A] heeft gelegd op het appartement in [plaats 4] , op straffe van een dwangsom.