Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
NOBEL BMG B.V., handelend onder de naam Bouwcenter Nobel B.V.,
1.[gedaagde 1] ,
2.
[gedaagde 2],
1.De procedure
2.De verdere beoordeling
3.De beslissing
dinsdag 14 juli 2026om 10:00 uur,
Rechtbank Overijssel
In deze civiele procedure tussen Bouwcenter Nobel B.V. als eiser en twee gedaagden woonachtig in verschillende plaatsen, heeft de rechtbank Overijssel bij tussenvonnis van 3 juni 2026 het voornemen uitgesproken zich onbevoegd te verklaren. De rechtbank oordeelde dat de vordering betrekking heeft op een consumentenkoop en dat de kantonrechter van locatie Almelo bevoegd is.
Partijen hebben zich schriftelijk uitgelaten over dit voornemen, waarbij eiseres instemde met de verwijzing naar de kantonrechter in Almelo en gedaagden zich op het oordeel van de rechtbank beroepen. De rechtbank bevestigt haar oordeel en verwijst de zaak ambtshalve op grond van artikel 71 lid 2 Rv Pro naar de kantonrechter locatie Almelo.
De rechtbank wijst partijen erop dat zij niet hoeven te verschijnen bij de rolzitting van 14 juli 2026, dat de kantonrechter zal beslissen over de voortzetting van de procedure, en dat zij in het vervolg van de procedure ook zonder advocaat kunnen verschijnen. Tevens wordt medegedeeld dat het griffierecht zal worden verlaagd en eventueel teveel betaald griffierecht zal worden teruggestort.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd en verwijst de zaak ambtshalve naar de kantonrechter locatie Almelo.