ECLI:NL:RBOVE:2026:4277
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift niet-ontvankelijk wegens ontbreken besluit bestuursdwang fietsverwijdering
Eiser diende een bezwaarschrift in tegen het vermeende verwijderen van zijn fiets bij het station van Dalfsen, zonder dat hij een bestuursdwangbesluit had ontvangen. Het college verklaarde het bezwaarschrift niet-ontvankelijk omdat niet was komen vast te staan dat sprake was van een besluit. De rechtbank toetste de bevoegdheid van het college en de bezwaarschriftencommissie en concludeerde dat het besluit bevoegd was genomen door een gemandateerde teamleider en dat de commissie bevoegd was om te adviseren.
De rechtbank stelde vast dat eiser onvoldoende concrete feiten had aangeleverd over de verwijdering van de fiets en niet had meegewerkt aan het onderzoek van het college. Hierdoor ontbrak elk aanknopingspunt voor het bestaan van een bestuursdwangbesluit. De rechtbank oordeelde dat het college het bezwaarschrift terecht niet-ontvankelijk had verklaard en dat het beroep ongegrond was.
Daarnaast wees de rechtbank het verzoek om schadevergoeding af omdat er geen onrechtmatig besluit was vastgesteld. Ook werd het verzoek om het griffierecht terug te krijgen afgewezen. De uitspraak werd gedaan door rechter I. Piksen en griffier J.J. van Heijningen op 17 juli 2026.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bezwaarschrift terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van een bestuursdwangbesluit.