Uitspraak
1.Samenvatting
2.De procedure
- de conclusie van antwoord,
- de conclusie van repliek tevens houdende akte vermindering van eis,
- de conclusie van dupliek.
Rechtbank Overijssel
Gedaagde reisde op 20 augustus 2025 met NS zonder geldig vervoersbewijs, waardoor zij volgens NS de ritprijs, wettelijke verhoging en administratiekosten verschuldigd is. Gedaagde stelde abusievelijk bij een andere vervoerder te hebben ingecheckt en ontkende een betaalverzoek te hebben ontvangen. NS betwistte dit en stelde dat de conducteur uitstel van betaling had gegeven en een vervangend vervoersbewijs had verstrekt.
De kantonrechter oordeelde dat gedaagde de wettelijke verhoging van € 50,00 verschuldigd is, omdat zij erkende zonder geldig vervoersbewijs te hebben gereisd. De gevorderde administratiekosten van € 15,00 werden afgewezen omdat NS niet kon aantonen dat zij gedaagde eerst de mogelijkheid had geboden kosteloos binnen veertien dagen te betalen.
Verder stelde gedaagde dat zij rauwelijks was gedagvaard omdat zij geen eerdere brieven had ontvangen. NS toonde aan dat zij een aanmaning had gestuurd naar het juiste adres waar gedaagde stond ingeschreven, wat volgens de ontvangsttheorie voldoende is. Gedaagde werd veroordeeld tot betaling van de boete met wettelijke rente vanaf 23 december 2025 en tot betaling van de proceskosten van € 367,28. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde moet de boete van € 50,00 met wettelijke rente en proceskosten betalen, administratiekosten worden afgewezen.