Uitspraak
1.[gedaagde 1],
2.
[gedaagde 2],
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 25 juni 2026, waarbij de heer [eiser] is verschenen, bijgestaan door de heer [gemachtigde]. [gedaagde 1] en [gedaagde 2] zijn niet verschenen.
- het tegen [gedaagde 1] en [gedaagde 2] verleende verstek.
2.De samenvatting: waar de zaak over gaatTussen partijen bestaat een huurovereenkomst. [gedaagden] heeft een huurachterstand laten ontstaan, die volgens [eiser] de ontruiming van het gehuurde rechtvaardigt. [gedaagden] heeft verstek laten gaan. De kantonrechter geeft [eiser] gelijk. De motivering van de beslissing volgt hierna.
3.De feiten
€ 1.350,00 per maand. De huur moet bij vooruitbetaling aan [eiser] worden voldaan.
4.Het geschil
5.De beoordeling
[gedaagden] het gehuurde niet heeft ontruimd. Die vordering wijst de kantonrechter eveneens toe.