ECLI:NL:RBOVE:2026:3465
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verhoging beslagvrije voet op grond van hardheidsclausule
In deze civiele zaak verzoekt de beslagene om verhoging van de beslagvrije voet op grond van de hardheidsclausule van artikel 475fa Rv. Het verzoek is ingediend naar aanleiding van executoriaal derdenbeslag gelegd door DUO op haar uitkering. De beslagvrije voet was vastgesteld op € 2.265,00 per maand, terwijl verzoeker een verhoging tot € 2.815,00 wenst vanwege medische kosten.
Tijdens de mondelinge behandeling lichtte verzoeker toe dat de medische kosten voor rugklachten, bekkenblessure en traumatherapie inmiddels zijn vervallen doordat zij haar financiën heeft geherstructureerd en deze uitgaven heeft geschrapt. Tevens gaf zij aan dat haar maandelijkse uitgaven na het schrappen van andere vaste lasten uitkomen op € 2.027,00, wat onder de beslagvrije voet ligt.
De kantonrechter oordeelt dat de hardheidsclausule slechts in uitzonderlijke situaties geldt waarin noodzakelijke kosten niet via andere wegen kunnen worden verlaagd en tot een kennelijke onevenredige hardheid leiden. Nu de medische kosten zijn vervallen en de uitgaven onder de beslagvrije voet blijven, is geen sprake van een dergelijke situatie. Het verzoek wordt daarom afgewezen. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het verzoek tot verhoging van de beslagvrije voet wordt afgewezen omdat de medische kosten zijn vervallen en de uitgaven onder de beslagvrije voet blijven.