Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker], uit [woonplaats], verzoeker
het college van burgemeester en wethouders van Dalfsen, het college
Inleiding
Beoordeling door de voorzieningenrechter
3. Verzoeker voert hierover aan dat hij in evident financiële nood verkeert. Hij heeft geen enkel inkomen. Hij woont bij zijn moeder en zij heeft vanaf 2025 in zijn onderhoud voorzien. Zij heeft thans echter geen spaargeld meer en kan hem daarom niet langer in zijn onderhoud voorzien.
4. De voorzieningenrechter is van oordeel dat verzoeker niet aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van spoed. Daarbij wordt betrokken dat verzoeker bij zijn moeder verblijft en dat niet op enigerlei wijze is onderbouwd dat dit niet langer mogelijk zou zijn. De voorzieningenrechter heeft dit wel specifiek gevraagd bij brief van 16 december 2025. De enkele verwijzing naar zijn bankafschriften is daartoe onvoldoende. Daarbij betrekt de rechtbank tevens dat uit het verweerschrift blijkt dat verzoeker volgens de belastingdienst meerdere bankrekeningen heeft met een positief saldo. De conclusie is daarom dat er geen spoedeisend belang is.