ECLI:NL:RBOVE:2026:232
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen omgevingsvergunning legalisatie bijgebouw in geluidzone ongegrond verklaard
Deze bestuursrechtelijke zaak betreft het beroep van eiser tegen een omgevingsvergunning die het college van burgemeester en wethouders van Zwolle heeft verleend aan derde partij voor het legaliseren van een bijgebouw met zadeldak op hun perceel. Eiser betwist de vergunningverlening en voert meerdere beroepsgronden aan, waaronder schending van de goede procesorde, onvoldoende toetsing aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties, gebrekkig bodemonderzoek en strijd met de geldende geluidzone.
De rechtbank oordeelt dat de behandeling van het bezwaar niet in strijd is met de goede procesorde, omdat eiser voorafgaand aan de hoorzitting het voorlopige standpunt van het college heeft ontvangen en tijdens de hoorzitting zijn zienswijze heeft kunnen geven. Het college heeft bovendien wel degelijk beoordeeld of sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties, zoals blijkt uit het bouwplanadvies en de motivering in het besluit.
Ten aanzien van het bodemonderzoek en de geluidzone stelt de rechtbank vast dat de door eiser ingeroepen normen niet zijn gericht op de bescherming van zijn belangen, maar op die van de gebruikers van het gebouw. Hierdoor stuit zijn beroep op het relativiteitsvereiste af. Ook heeft eiser onvoldoende aannemelijk gemaakt dat het bijgebouw het geluid op zijn woning heeft doen toenemen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor het legaliseren van het bijgebouw wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft in stand.